Tallinn – De Baltische Poort van de Hanze
Tallinn is de hoofdstad van Estland en was ooit een welvarende Hanzestad aan de Finse Golf. De geschiedenis van de stad gaat terug tot de 13de eeuw toen de stadsmuren werden gebouwd. Tegenwoordig is daar nog 1,9 kilometer van over, inclusief 26 verdedigingstorens en poorten. Hiertoe behoren de 14de-eeuwse Viru Väravad (Virupoort) en de 15de-eeuwse Kiek in de Kök, destijds de krachtigste kanontoren in de Baltische Staten. De Grote kustpoort en de toren Dikke Margareta werden gebouwd om Tallinn aan de zeezijde te verdedigen. De Dikke Margareta is nu het Ests Maritiem Museum.
Veel monumenten uit het verleden zijn bewaard gebleven binnen de middeleeuwse stadsmuren van Tallinn. Daaronder bevinden zich de Lange Herman, een toren van het Toompea-kasteel en het Raadhuis met zijn toren. De St. Olafkerk had ooit de hoogste kerktoren ter wereld. Tijdens de Sovjetbezetting werd deze toren gebruikt door de KGB. De Russisch-orthodoxe Alexander Nevski-kathedraal met haar uivormige koepels staat op de Toompea-heuvel tegenover het parlementsgebouw. Buiten het oude centrum van Tallinn staat het presidentieel Kadriorg Paleis.
De Baltische Weg was een menselijke keten die augustus 1989 werd gevormd door inwoners van de drie Baltische Staten in hun streven naar vrijheid; deze indrukwekkende keten liep van Tallinn, via Riga naar Vilnius. De Baltische Weg staat op de prestigieuze lijst van het UNESCO-Wereldgeheugen. Het historisch centrum (oude stad) van Tallinn werd in 1997 ingeschreven op de Werelderfgoedlijst van UNESCO als: Historic Centre (Old Town) of Tallinn.
www.werelderfgoedfotos.nl © Copyright World Heritage Photos

Een van de torens van de stadsmuur van Tallinn is de Kiek in de Kök (Kijkje in de Keuken). De toren was zo hoog dat de soldaten vanaf de bovenste verdieping in de keukens van de huizen eronder konden kijken. De 15de-eeuwse Kiek in de Kök was destijds de krachtigste kanontoren in de Baltische Staten. Dit imposante bouwwerk is 38 meter hoog en heeft muren van van ruim 4 meter dik. Van de oorspronkelijke 46 torens van stadsmuur zijn er nu nog 26 over. Het oude centrum van Tallinn getuigt van de periode dat het een welvarende Hanzestad was. Het staat ingeschreven op de UNESCO-Werelderfgoedlijst.

Een van de torens van de stadsmuur van Tallinn is de Kiek in de Kök (Kijkje in de Keuken). De toren was zo hoog dat de soldaten vanaf de bovenste verdieping in de keukens van de huizen eronder konden kijken. De 15de-eeuwse Kiek in de Kök was destijds de krachtigste kanontoren in de Baltische Staten. Dit imposante bouwwerk is 38 meter hoog en heeft muren van van ruim 4 meter dik. Van de oorspronkelijke 46 torens van stadsmuur zijn er nu nog 26 over. Het oude centrum van Tallinn getuigt van de periode dat het een welvarende Hanzestad was. Het staat ingeschreven op de UNESCO-Werelderfgoedlijst.

De kanontoren Paks Margareeta (Dikke Margaret) werd in 1510 gebouwd om de noordelijke toegang van de oude stad van Tallinn te bewaken. Deze robuuste, brede verdedigingstoren heeft muren die tot wel vijf meter dik zijn. De toren moest samen met de Suur Rannavärav (Grote Kustpoort) de stad aan de zeezijde beschermen. Later werd Dikke Margaret gebruikt als opslagplaats voor kruit en wapens, en nog later werd de toren een gevangenis. Tegenwoordig is de toren het Estlandse Maritiem Museum. De veel oudere Suur Rannavärav komt in 1384 al in enkele geschriften voor.

De Alexander Nevski-kathedraal werd in 1900 gebouwd tegenover het Toompea-kasteel, het huidige parlementsgebouw van Estland. De kathedraal heeft iconische uivormige koepels, een karakteristiek kenmerk van Russisch-orthodoxe kerken. De uivorm is vergelijkbaar met een kaarsvlam en staat symbool voor zowel het licht van het geloof als voor de gebeden van de gelovigen die naar de hemel opstijgen. Daarom zijn kaarsen een essentieel onderdeel tijdens Russisch-orthodoxe kerkdiensten.

De imposante Alexander Nevski-kathedraal met zijn uivormige koepels is de hoofdkerk van de Russisch-orthodoxe Kerk in Estland. In de vijf donkere koepels hangen elf bronzen klokken, waaronder de grootste kerkklok van Tallinn, die drie meter hoog is en maar liefst vijftien ton weegt. De klokken werden gegoten in St. Petersburg, in de tijd dat Estland bij het Russische Keizerrijk hoorde. Het interieur van de Russisch-orthodoxe kathedraal is rijkelijk gedecoreerd met mozaïken en iconen. Helaas was tijdens ons bezoek fotograferen in de kathedraal veboden.

Het roze parlementsgebouw van Estland werd in 1920 gebouwd op de binnenplaats van het Toompea-kasteel, op het fundament van een van de zijvleugels. Dit kasteel dateert uit de 13de en 14de eeuw en staat op deze heuvel tegenover de Alexander Nevski-kathedraal in het oude centrum van Tallinn. Op deze plek stond in de 9de eeuw al een bolwerk. Vanuit het Toompea-kasteel regeerden vreemde mogendheden zeven eeuwen lang over Estland. De gebouwen op deze heuvel liggen ongeveer 20 tot 30 meter hoger dan de rest van de stad.

De vlag van Estland op wappert op Pikk Hermann en staat symbool voor de onafhankelijkheid van het land. Deze iconische verdedigingstoren staat aan de zuidwestkant van het Toompea-kasteel in Tallinn. Ze werd in 1371 gebouwd en in de 16de eeuw verhoogd tot 45 meter. Er wordt gezegd, dat Estland wordt geregeerd door de mogendheid waarvan de vlag wappert op Pikk Hermann (Lange Herman). Iedere dag wordt de blauw-zwart-witte vlag van Estland tijdens zonsopgang op de toren gehesen en tijdens zonsondergang gstreken. Voor deze ceremonie moet de vlaggenwacht elke dag de trap van 215 treden beklimmen.

De 14de-eeuwse Viru Väravad (Virupoort) is de oostelijke stadspoort van Tallinn en maakte ooit deel uit van de barbakan, een veel grotere defensieve stadspoort. Op de achtergrond staat de slanke Raadhuistoren (Raekoja Torn) uit 1627. Het gotische raadhuis (Raekoja) werd voltooid in 1404. De 64-meterhoge toren kan worden beklommen. Een middeleeuwse, steile en erg nauwe wenteltrap leidt naar een platform dat een adembenemend uitzicht biedt over het historische centrum van Tallinn.

De Staltoren (Tallitorn) van de middeleeuwse stadsmuur rond het historische centrum van Tallinn. Deze unieke 14e-eeuwse hangende toren dankt zijn naam aan de koninklijke stallen die zich er ooit achter bevonden. Deze strategisch gelegen iconische toren fungeerde destijds als uitkijkpunt dat de cruciale doorgang tussen de benedenstad en de versterkte Toompea-heuvel moest bewaken. Op de achtergrond is de vierkante Maagdentoren (Neitsitorn) te zien, die ooit dienstdeed als gevangenis. De stadsmuren met hun torens zijn een belangrijk onderdeel van het UNESCO-Werelderfgoed in Tallinn.

De stadsmuren aan de noordwestzijde van de oude stad van Tallinn zijn goed bewaard gebleven. De Gouden-voettoren (Kuldjala torn) dateert uit de 14de eeuw en de erachter gelegen Toren-Achter-de-Nonnen (Nunnadetagune torn) bewaakten destijds de stad. Het Plein van de Torens (Tornide Väljak) heette in de middeleeuwen de Nonnenweide en was de grasvlakte bij deze torens. De stadsmuren dateren uit de 13de en 14de eeuw en werden gelijk met de Grote Kustpoort gebouwd, die destijds indruk maakte op reizigers die per schip over zee aankwamen.

De Dom van Tallinn staat op de Toompea-heuvel en is gewijd aan Maria. De indrukwekkende Dom, lokaal bekend als de Toomkirik, is het oudste kerkgebouw in Tallinn en de belangrijkste Lutherse kerk van Estland. De eerste stenen kerk op deze plek werd al in 1240 verheven tot kathedraal. Het gebouw overleefde de Reformatie, maar niet de stadsbrand van 1684. Alleen het gewelfde schip uit de 14de eeuw bleef gespaard. De kathedraal werd herbouwd in een mix van stijlen. De 69 meter hoge barokke toren werd pas in de 18de eeuw gebouwd.

De Dom van Tallinn werd oorspronkelijk in de 13de eeuw gebouwd, toen de Denen de stad hadden bezet. De Deense koning riep de kerk uit tot de Kathedraal van de Heilige Maagd Maria. Na het vertrek van de Denen werd de stad tot 1918 gedomineerd door de Duitse adel, die de kathedraal tot hun exclusieve kerk maakten, waarvan de familiewapens aan de muren nog getuigen. Het altaar, de kansel en de kroonluchters van de Dom dateren uit de 17de eeuw. Het Ladegast-orgel dateert uit 1878 en werd in 1914 gemoderniseerd door Wilhelm Sauer. De klank van dit orgel is beroemd onder muziekliefhebbers. Er worden regelmatig concerten gegeven.

De toren van de Sint-Olavkerk wordt beschouwd als een van de symbolen van Tallinn. De kerk had van 1549 tot 1625 de hoogste kerktoren ter wereld. Ze werd ongeveer tien keer door de bliksem getroffen en drie keer leidde dit tot enorme branden. Na een felle brand in 1820 werd de hoogte teruggebracht van 159 naar 123.7 meter. De kerk zelf is opgedragen aan de Noorse koning Olaf II Haraldsson, de patroonheilige van Noorwegen. Van mei tot oktober kun je naar de top van de toren klimmen via de wenteltrap met 258 treden. Het observatieplatform biedt een grandioos uitzicht over het historische centrum van Tallinn, een Werelderfgoed van UNESCO.

Omdat de Sint-Olafkerk een uitzonderlijk hoge toren had, fungeerde ze als maritiem baken voor koopvaardijschepen van de Hanze die via de Finse Golf arriveerden. Tijdens de Sovjetbezetting werd de markante toren van 1944 tot 1991 gebruikt door de KGB als radiotoren en uitkijkpost. Ze installeerden allerlei apparatuur om de stad en het scheepvaartverkeer te bespioneren en bovendien de radioverbindingen met het Westen te blokkeren. Hun hoofdkwarier in Tallinn lag vlak bij de toren, dat sindsdien is omgevormd tot een aangrijpend museum.

De gotische St. Olafkerk (Oleviste Kirik) staat in het oude centrum van Tallinn. Tijdens de Reformatie in 1524 werd de kerk luthers en werden alle katholieke altaren en relikwieën voor een groot deel verwijderd. Na de verwoestende brand van 1820 werd het interieur in 1830 herbouwd. Het huidige orgel werd tussen 1840 en 1842 in de neogotische stijl herbouwd door de beroemde orgelbouwer Walcker. De donkere houten orgelkast is prachtig gedecoreerd met gotische spitsbogen en pinakels. Het 31 meter hoge sterrengewelf dat zich uitstrekt boven het schip dateert uit de 15de eeuw en overleefde de brand.
