Vlaams Begijnhof van Tongeren – Een middeleeuws toevluchtsoord achter de Moerenpoort
Begijnhoven ontstonden in de 13de en 14de eeuw in het huidige Nederland en Vlaanderen. Het ontstaan van begijnhoven werd grotendeels in de hand gewerkt door oorlogen die leidden tot een vrouwenoverschot. Omdat veel vrouwen tot een klooster toetraden, raakten deze al snel overvol. Arme vrouwen hadden daarvoor geen bruidsschat en werden begijnen. Deze vrouwen wijdden hun leven aan God zonder zich terug te trekken uit de wereld; ze legden een belofte van armoede en kuisheid af, maar geen eeuwige kloostergelofte. Ze voorzagen voornamelijk in hun levensonderhoud door werkzaamheden als wassen, weven en spinnen. Begijnen leefden in een gesloten gemeenschap op een begijnhof: enkele huizen rond een kerk of kapel, meestal omsloten door een muur met een toegangspoort.
Het Vlaams Begijnhof Sint-Catharina in Tongeren werd gesticht in 1257 en ligt binnen de stadsmuur achter de Moerenpoort. Een deel van de stadswal diende destijds als omheining. Bij de Grote Brand in 1677 werd het middeleeuwse begijnhof gespaard, mede doordat de houten huizen rond 1650 waren vervangen door stenen woningen. Mede hierdoor is het een van de oudste begijnhoven van Vlaanderen. De Sint-Catharinakerk uit 1294 is het middelpunt van dit historische stratenbegijnhof. Langs de middeleeuwse stadsmuur met de Lakenmakerstoren stroomt de Jeker, erachter ligt de Sint-Ursulakapel.
Het Begijnhof Sint-Catharina in Tongeren, een stad in België, is een van de dertien Vlaamse Begijnhoven met de status Werelderfgoed. Deze begijnhoven werden in 1998 ingeschreven op de Werelderfgoedlijst van UNESCO als: Flemish Béguinages. Twee andere Vlaamse begijnhoven zijn het Begijnhof van Diest en het Begijnhof Sint-Truiden. De belforttoren van de Onze-Lieve-Vrouwebasiliek in Tongeren is eveneens een Werelderfgoed; hij maakt deel uit van de site: Belforten in België en Frankrijk.
www.werelderfgoedfotos.nl © Copyright World Heritage Photos

Het Begijnhof Sint-Catharina van Tongeren ligt achter de Moerenpoort; de stadspoort staat ook bekend als de Moerentoren. Tussen 1257 en 1264 werd de oorspronkelijk poort gebouwd op de resten van een Romeinse stadsmuur uit de 2de eeuw. Door oorlogshandelingen werd de poort in 1347 geheel verwoest en in 1379 weer herbouwd. In 1673 werd het voorgebouw door Franse troepen verwoest, maar dankzij onderhandelingen tussen de Franse bevelhebber en inwoners van het begijnhof bleef de poort zelf gespaard. Tongeren had in het verleden zes stadspoorten. De Moerenpoort is de enige die bewaard is gebleven.

Het Begijnhof Sint-Catharina van Tongeren ligt achter de Moerenpoort; de stadspoort staat ook bekend als de Moerentoren. Tussen 1257 en 1264 werd de oorspronkelijk poort gebouwd op de resten van een Romeinse stadsmuur uit de 2de eeuw. Door oorlogshandelingen werd de poort in 1347 geheel verwoest en in 1379 weer herbouwd. In 1673 werd het voorgebouw door Franse troepen verwoest, maar dankzij onderhandelingen tussen de Franse bevelhebber en inwoners van het begijnhof bleef de poort zelf gespaard. Tongeren had in het verleden zes stadspoorten. De Moerenpoort is de enige die bewaard is gebleven.

De Lakenmakerstoren in het Begijnhof van Tongeren, een van de oudste begijnhoven in Vlaanderen. Begijnhoven ontstonden aan het begin van de 13de eeuw; rond een kapel of kerk werden enkele huizen gebouwd, vaak omsloten door een stenen muur met een toegangspoort. Begijnhoven werden bewoond door begijnen, vrouwen die hun leven aan God wijdden zonder zich uit de wereld terug te trekken. Deze vrouwen leidden een religieus leven en legden ook een belofte van kuisheid en gehoorzaamhed af, maar geen eeuwige kloostergelofte. In de tweede helft van de 18de eeuw liep het aantal begijnen dat in het begijnhof woonde terug.

De 13de-eeuwse Lakenmakerstoren werd gebouwd van vuursteen die afkomstig was van een oude Romeinse muur. Deze halfronde toren diende oorspronkelijk als verdedigingstoren in de middeleeuwse stadsmuur langs de Jeker. Destijds was ieder gilde van Tongeren de beschermer van een van de stadstorens. De wevers van de wollen lakenstof waren verantwoordelijk voor deze toren, vandaar de naam Lakenmakerstoren. Het begijnhof in Tongeren bevindt zich achter de middeleeuwse verdedigingsmuur en deze robuuste toren.

De Sint-Catharinakerk werd van de lokale vuursteen gebouwd en in 1294 ingewijd. Ze staat ook bekend als de Begijnhofkerk of Paterskerk. Het is een van de oudste kerken in Tongeren en het hart van het Sint-Catharinabegijnhof. De spitsboogvensters zijn typisch voor de vroeggotische stijl. In de 14de eeuw werden de uitbreidingen van de kerk gebouwd van Limburgs mergelsteen. Het begijnhof in Tongeren is een zogeheten stratenbegijnhof; het werd in 1257 gesticht. Het begijnhof overleefde de Grote Brand van 1677 doordat de houten huizen rond 1650 vervangen waren door de huidige bakstenen huizen.

De Sint-Catharinakerk staat in het midden van het Sint-Catharinabegijnhof in Tongeren en werd gewijd aan Catharina van Alexandrië, de patroonheilige van het begijnhof. De slanke barokke torenspits die boven het dak uitrijst, verving in 1711 een eerdere toren. Het barokke interieur is gedecoreerd met 17de- en 18de-eeuwse schilderijen en houtsnijwerk. In de kerk staan eveneens vijf barokke altaren uit dezelfde tijd. Het indrukwekkende standbeeld van de 'Lijdende Christus' was een geschenk van een van de begijnen. Tongeren omvat twee locaties die op de UNESCO-werelderfgoedlijst staan: de Vlaamse begijnhoven en de belforten van België en Frankrijk.

In een schilderachtig hoekje van het Vlaamse Begijnhof in Tongeren staat Herberg De Pelgrim, een voormalig begijnenhuisje uit 1632. Het grote 17de-eeuwse pand ernaast is gebouwd in de regionale Maaslandse stijl en was ooit de woning van een welgesteld begijn. Iets verderop ligt het pleintje Onder de Linde. Hier staan de oudste huizen van het begijnhof en bevindt zich het Begijnhofmuseum, dat is gevestigd in een authentiek begijnenhuis uit 1660. Bezoekers kunnen hier van alles te weten komen over het dagelijks leven van begijnen. Begijnhoven stonden onder bescherming van de kerk en de plaatselijke bisschop.

De Sint-Ursulakapel in het Begijnhof van Tongeren is gewijd aan de Heilige Ursula. De kapel ligt binnen de nog bestaande middeleeuwse stadswal van Tongeren, de ousdte stad in België. De kapel ligt op de oever van de Jeker en werd in de 13de eeuw direct naast de infirmerie gebouwd, waar de oudere en zieke begijnen werden verzorgd. In de 18de eeuw werd de kapel in barokstijl herbouwd en kreeg een karakteristieke Nederlandse topgevel, een bouwstijl uit de periode dat Vlaanderen een regio van de Lage Landen was. Tegenwoordig wordt het gebouw gebruikt voor onder andere exposities en concerten.

Een bruggetje over de Jeker in het Vlaams Begijnhof van Tongeren. Achter het boogpoortje ligt de Sint-Ursulakapel. Het ontstaan van begijnhoven is verklaarbaar doordat mannen sneuvelden in de vele oorlogen en vrouwen zonder bescherming achterbleven. Terwijl rijke vrouwen hun bruidsschat hadden om tot een klooster toe te treden, vormden arme vrouwen samen een gemeenschap om te overleven. Ze vestigden zich in begijnhoven rond een kerk of kapel en stichtten onder andere een infirmerie (ziekenzaal of een hospitaal) om zieken te verzorgen en een wasserij om in te werken.

De meeste huizen in het Begijnhof van Tongeren zijn gebouwd in een combinatie van rode baksteen en Limburgse mergelsteen, typisch voor de Maaslandse stijl in deze regio. Het oudste nog bestaande stenen begijnenhuisje in deze stijl dateert uit 1602. Toen plunderende Franse troepen Tongeren in 1677 in brand staken, bleef het begijnhof grotendeels gespaard, mede doordat de huizen van steen waren. Op de kasseien voor dit begijnenhuis staat een historische verrijdbare brandpomp. Dit unieke ijzeren brandbluswagentje werd in de 19de eeuw gebruikt om de eeuwenoude gebouwen tegen vuur te beschermen.

De toren van de Onze-Lieve-Vrouwebasiliek in Tongeren deed dienst als het belfort van de stad. De basiliek werd een paar keer verwoest door brand en stormen. Wegens geldgebrek kreeg de toren bij de herbouw geen spits. De basiliek herbergt enkele kunstschatten die dateren vanaf de 6de tot en met de 19de eeuw, waaronder een zeldzaam beeld van walnotenhout uit circa 1479. Het huidige Chaudoir-carillon bestaat uit 49 klokken. De oudste klokken stammen uit 1782. Een eerder carillon werd door de grote brand in 1677 verwoest. Het belfort maakt deel uit van het Werelderfgoed: Belforten van België en Frankrijk.
